| Mijn beste, Waterkoud, zo heet dat. Waarom weet ik niet. Die kou is de prijs die
je moet betalen voor ochtenden van kristal. Vanochtend vroeg liep er een fazant over het
grasveld achter de flat, op zijn benige poten waadde hij door de waterparels. Een mooi
begin van een sombere dag.
Bah, wat een grieperig, grijs rotweer. Grauwe, natte luchten met
druppelwolken. De wind waait ritselende regenvlagen tegen de ruiten en ik ben stijf van de
kou. (Of de rigor mortis zet vroeg in, dit jaar.) De esdoorn voor de flat laat zijn
bladerloze takken hangen en op een van die takken, vlak voor het raam, zit een grote
zwarte kraai droefgeestig naar binnen te kijken. Ook de mensen op straat laten moedeloos
de schouders hangen, en waarom ook niet: een steeds grijzer wolkendek dwingt de dag tot
een vroege overgave.
Door ledigheid tot de fles gedreven, heb ik een Savigny les Beaune
opengetrokken. Gulle, rijpe frambozen, helder en diep, met dat beetje ongrijpbaarheid dat
ik zo op prijs stel. "U moet meer drinken", zei mijn huisarts, en hij zal wel
gelijk hebben, dus schenk ik mij nog eens in.
De redactie van De Gekooide Roos wil een fotootje.
Vanmiddag heb ik mij daarom naar een fotoshop in een overdekt winkelcentrum begeven.
"Ik wil een portretfoto laten maken," zei ik tegen de dienstdoende fotograaf.
"Weet u dat wel zeker?" vroeg hij bezorgd. Ik legde hem uit dat ik geen keus
had. "Nou ja," zei hij, "dan moet het maar."
De operatie was snel geschied, maar ik moest wachten tot de foto
ontwikkeld was, dus liep ik naar buiten om me daar op een bankje te vertreden. Er zat al
iemand. Een dame met een handdoek om haar hoofd. Ze zag er keurig uit, ouwe chique, dus
die handdoek die contrasteerde nogal. Ik kon mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen.
"Dag mevrouw," zei ik, "vindt u het goed als ik naast u kom zitten?"
Ze keek me lief aan. "Natuurlijk meneer, gaat uw gang." Zuchtend nam ik plaats -
ik zucht tegenwoordig bij alles wat ik doe, ik heb te weinig lichaamsbeweging. Vriendelijk
knikte ik haar toe en zei: "De kwestie is, u hebt een handdoek om uw hoofd."
"Hoe zegt u?!" "Een hánddoek om uw hoofd." Ze keek me aan alsof ik
haar beledigd had, dat was niet mijn bedoeling. "Heeft u soms uw haar
gewassen?", vroeg ik om het gesprek in duidelijker banen te leiden. "Ja,"
antwoordde ze zichtbaar opgelucht, "mijn haar gewassen, dat ziet u heel goed; het was
wel nodig ook, het werd helemaal grijs!..."
Wat moet je met zo'n situatie, lachen is onbeleefd. Gelukkig werden we
op dat moment gevonden door de dochter van de oude dame, die zich grote zorgen maakte:
"Moeder, u liep zomaar..." - Meer verstond ik niet, vanuit de deuropening stond
de fotograaf te gebaren dat mijn foto klaar was, en aan zijn gezicht kon ik al zien dat
het niet best was.
Het ga je goed. Je Marc
Interviewer: "En wat was uw
reden om in de politiek te gaan?"
Geïnterviewde: "Daarover kan ik kort zijn: altruïsme."
Beiden kijken elkaar even onbewogen aan en barsten dan in schaterlachen uit.
|